8
Lang verslag van Bert zijn 2009 LBL (zeker de moeite waard)
0 Comments | Posted by Johnny Kat in Geen categorie
Zaterdag 8 augustus 2009 LUIK –BASTENAKEN-LUIK
Voor de 4e keer heb ik me ingeschreven voor LBL, althans dat dacht ik: op donderdag even gekeken in de deelnemerslijst waar ik tot mijn schrik constateerde dat ik er niet bijstond.
Le Champion gebeld en binnen paar uur startbewijs gekregen van ene Pierre Kallen die de 245 km zou fietsen.
Vrijdag vertrokken richting Maastricht waar we in het NH Maastricht overnachtten naast het MECC. Zaterdagmorgen om 6.15 vertrek ik richting Luik om start bescheiden op te halen en vroeg te starten voor mijn 170 km tocht. Het regent licht en de verwachtingen zijn niet echt slecht: af en toe wat regen en wel wat wind. Om 7.15 uur start ik vanaf het Palace de Congress. Het grootste gedeelte van de route is wel bekend maar er zitten een paar wijzigingen, waaronder 2 zware beklimmingen en dit jaar is de Stockue ook opgenomen in het parcours: een zware klim van 21%.
Na een kilometer of 9 is de eerste serieuze beklimming die van de Cote d’Embourg , 7 % en ongeveer 3 km lang. Meteen slaat mijn HS om en komt ver boven de 200, een zeer slecht teken voor vandaag, mede omdat ik al een week of 6 geen last meer heb gehad. Ook rustig fietsen helpt niet om de HS naar beneden te brengen. Omdat ik net begonnen ben kom ik nog wel zonder al te veel moeite boven maar de hoge hartslagen komen constant terug en blijven langer aanwezig naarmate de tocht vordert. Na 25 km komen we aan de voet van de Chambralles bij Awan, de aanloop is identiek als de Keutenberg, je buigt af van de hoofdweg en als je dan al niet geschakeld hebt kun je omdraaien en opnieuw een poging wagen, want schakelen is niet meer mogelijk:, stijgingspercentage 20 % max. en je slingert naar boven. Het is zwaar en met mijn verzet van 38 x 27 kom ik nauwelijks boven terwijl ik nu nog redelijk fit ben. Dat belooft niet veel goeds voor het vervolg. We krijgen nog een paar zeer gemene hellingen waaronder de Wanne, Stockeu en natuurlijk La Redoute. Buiten dat is het bijna geen moment vlak: het is vals plat of afdalen en zelfs in de afdaling kom je niet tot rust omdat het hard gaat en je zeer geconcentreerd moet blijven omdat de wegen smal zijn en er gewoon verkeer rijdt, waarbij je soms risico’s neemt. Dan na 75 km begint de beklimming van de Wanne, qua stijgingspercentage van 13% niet zo steil als de Stockeu en La Redoute maar veel langer en met constante hellingsverschillen waardoor je nooit in je ritme komt en je compleet afgemat wordt. Steeds als je denkt dat je er bent gaat het klimmen door tot je uit het bos komt en het licht tegemoet rijdt. Het is erg miezerig weer geworden met behoorlijk dichte mist en ik ben blij met mijn armstukken. Op de top is de verzorging en stempelpost, tijd om even op adem te komen, na een paar minuten weer verder want ik krijg het koud. Ook de Wanne ben ik opgefietst met een hartslag van 227 en is ben zeiknat van het zweet en het loopt werkelijk langs mijn gezicht, ik moet blijven fietsen dan hou ik het nog een beetje op temperatuur. Met de lange afdaling die volgt lukt dat niet zo, de snelheid loopt af en toe op naar 65 km/h. Bij Stavelot rij ik samen met 2 Amerikanen en een Hoogevener rechtdoor en beklimmen kilometers lang een berg die verdacht veel weg heeft van een Alpenpas, constant haarspeldbochten waarvan de binnenbochten zo steil zijn dat je er compleet stil valt. Hier merk ik al dat het een beetje gedaan is met de energie en mijn tekort aan training, ik kan niet constant meer doorfietsen en moet regelmatig stoppen om toch te proberen mijn hartslag naar beneden te brengen. Na ruim 10 km klimwerk komen we aan in een dorpje en het verbaasd me al een beetje dat ik ondanks mijn stops niet meer ben ingehaald. Boven staan ook de anderen al te kijken op hun kaartjes en te zoeken naar de richtingaanwijzers van de tocht die we ook al lange tijd niet meer hebben gezien. Navraag bij 2 Franssprekende boeren leert mij dat we onderaan in het dorp al verkeerd gereden zijn en dus dik 10 km kunnen gaan afdalen. Onder aangekomen zie ik meteen waar we af hadden gemoeten en ik kijk met ontzag naar boven, “Stockeu” 2.400 meter lang, gemiddeld stijgingspercentage 9,5 % hoogteverschil 227 m en maximaal stijgingspercentage 21 %. Even ter vergelijking, de Keutenberg , toch ook geen misselijke bobbel, lengte 1.700 m , 5,6% gemiddeld, 96 meter hoogteverschil en 17% maximaal. Verschillende renners draaien ook een rondje om nog even de goede versnelling te schakelen, ik heb hier geen versnelling voor en mijn benen willen al niet meer. Dan stuift er een ambulance met volle snelheid voorbij met loeiende sirene’s, er blijkt iemand zwaar ten val te zijn gekomen en later hoorde ik van getuigen dat zijn been zeer zwaar gebroken was en er niet lekker bij lag, buiten de rest van al zijn verwondingen, blij dat ik het niet gezien heb. Dit was inderdaad ook wederom een supersnelle afdaling met behoorlijk wat bochten, waarbij je soms toch gevaarlijk dichtbij de afgronden langs reed en de bochten soms langer waren dan je in had geschat, waardoor veel renners in de remmen moesten, en er verschillende met knikkende benen in de berm stonden. Ik begin aan de beklimming en ook deze gaat in etappes en gelukkig ben ik niet alleen, de een na de ander moet zich gewonnen geven. Halverwege de klim maak ik nog even gebruik om het monument ter ere van Eddy Merckx op de foto te zetten en mezelf even te laten vereeuwigen door de enige vrouwelijke renster die er ook staat uit te hijgen. Uiteindelijk wordt ook deze helling bedwongen en rijden we via Spineux, Grand Halleux, Fosse richting Trois Points voor onze 2e bevoorrading, maar niet voordat ik op volle snelheid in een afdaling het dorp Manhay binnen rijdt waar een hele groep renners staat uit te rusten en ik met ruim 60 km/h. voorbij stuif, rechts van de weg staat een Opel Corsa met een oud vrouwtje achter het stuur, waarvan ze 30 jaar geleden haar rijbewijs al hadden moeten invorderen. Ik heb oogcontact dus ik neem aan dat ze zal blijven staan, niet dus. Ze trekt op en schrikt meteen en gaat boven op de rem. Ik hoor sommige kerels al schreeuwen en het enige wat ik kan doen is vol remmen en proberen er wat leuks van te maken. Door de hoge snelheid en mijn harde remmen draai ik gewoon om en draait mijn fiets bijna 90 graden. Als ik de auto bijna raak trap ik nog een paar keer en ik klap met mijn band en achtervork tegen de bumper en kom tegen een muur tot stilstand. De mummie in de auto trekt gewoon op en rijdt weg, ze keek verdomme niet eens hoe het met mij afgelopen was . Mij scheldend en tierend achter latend. Na een korte inspectie of alles heel is en draait, komen de eerste mannen al aan rennen en vragen of alles goed is. Lijkt OK, dus ik fiets verder. Na 500 meter kom ik er achter dan mijn achterband naar de “kloten” is door het harde remmen, splinternieuwe Ultremo R van € 46,- gvd gvd . Ik had het er wel lekker warm van gekregen na die lange koude afdaling en 10 kilometer verder was de AA stand en lagen er bananen en dat maakte veel goed. Volgens het tourschema zaten we nu op 122 km, maar door mijn foutrijden zat ik al op 145 km. Ik ben al vaak kapot geweest, maar de moed zonk me wel behoorlijk in de schoenen te weten dat ik La Redoute en Cote du Hornay nog te gaan had. De ruim 20 km richting La Redoute waren te doen, vals plat en licht dalen en even mentaal voorbereiden voor de klim. Hier is altijd de meeste belangstelling en vanaf de eerste meters vanuit het dorp Aywille gaat het gestaag omhoog; voor het viaduct zit al een stevige klim die officieel niet eens tot de klim hoort en het stuk langs de autoweg is de aanloop naar de echte Redoute. De foto krijg ik nog en ik ben zeer benieuwd hoe ik hier opsta, het was mijn eer te na om hier lopend langs te komen, maar oh, oh wat deed het zeer. Stempelen, bidon vullen en door richting Luik. Het zwaarste hadden we gehad en ik wist van eerdere deelnames dat de laatste 30 km in rap tempo afgewerkt kon worden. Bij kilometer 150 had je nog Col du Hornay, maar deze ging onverwacht toch redelijk goed, en daarna was het in 1 streep naar de finish. Op een gegeven moment zaten er een man of 5 in mijn wiel terwijl ik dat juist bij hun wilde doen. We reden met ruim 40 per uur Luik binnen, waar het ook schitterend lekker weer was geworden.
Bij het Palace du Congress was het superdruk en ik werd onthaald door honderden enthousiaste toeschouwers en de speaker. Zelden zo’n lekker gevoel gehad dat ik van de fiets kon stappen. De teller stond op ruim 190 km en het gemiddelde van ruim $@,#& km/h was toch ook niet slecht. Het was weer als vanouds: honderden renners op de binnenplaats aan lange tafels, de geur van bier en hamburgers en het weerzien met tientallen renners en rensters waar je mee samen gefietst hebt. Ook de grote groep renners van Hema / Jan Bols / Hup Fidom is er weer, heb er vele gezien vandaag, ze waren met een man of 50. Nog gezellig nagepraat en iedereen was het er wel over eens: dit was de zwaarste LBL van de laatste jaren, mede door het gewijzigde parcours en de toegevoegde hellingen. Hoorde van verschillende Alpenrijders die Marmotte , Alpe d’Huez en andere grote cols al verschillende keren beklommen hadden dat zo’n rit als deze een veel hogere aanslag op je lichaam is dan een rit daar. Het op en af breekt je . Wat was ik blij dat te horen. Heb vaak gedacht dat ik vandaag wel het meest kapot zat van iedereen. Maar er was ook een pluspunt: er is geen renner geweest die mij ingehaald heeft in de afdaling, sommige bochten zijn nog een paar keer voorbij gekomen de nacht erop en ik was blij dat er niet zoveel auto’s reden, anders hadden ze mij met een ijskrabber van een voorruit kunnen schrapen. Denk dat dit voorlopig mijn laatste Luik Bastenaken Luik is geweest, volgend jaar eens een nieuwe uitdaging zoeken, hopelijk met meer van ons team. De Ronde van Vlaanderen staat hoog op het verlanglijstje. Deze is begin april en dus erg vroeg in het seizoen en vlak voor de Cascaderun, kijken of de kilometers dan al in de benen zitten.
Groeten, Bert







